Ga naar de inhoud
Miranda Boerkamp Geschreven door , laatste update: 28 januari 2026

Mijn broertje Johan werd geboren in 1973.
Dat klinkt als een jaartal uit een archief, maar voor mij is het een geur, een stem, een manier van lopen. Een hele wereld in één regel.

Johan

Ik had zijn naam de laatste tijd al een paar keer “gehoord” zonder dat iemand hem écht bedoelde. Eerder die reclame op tv, volgens mij van de Postcode Loterij, waarin vrolijk wordt gezegd: “Bedankt Johan.”
Zo’n zin die bedoeld is als luchtig, maar bij mij niet luchtig landt. Omdat “Johan” bij mij geen algemene naam is. Het is een persoon. Mijn broertje.

Vanmorgen kwam er nog iets bij

En vanmorgen kwam er een tweede laag overheen: ik hoorde over de film Land van Johan, net uitgekomen in de bioscoop.

Een film met een tijdsbeeld van Nederland, Amsterdam eind jaren zestig, maatschappelijke onrust, jeugdcultuur, en ook voetbal op de achtergrond als iets wat mensen bindt, afleidt of juist op scherp zet. Alleen al die titel… Land van Johan. Alsof een naam ineens een plek kan zijn.

Het drieluik van vanmorgen

Vanmorgen voelde het ineens als een klein drieluik dat iemand ongevraagd voor me neerzette. Eerst had je al die reclame op tv, met dat achteloze “bedankt”. En nu dan die filmtitel die ik hoorde vallen: Land van Johan. Alsof de wereld twee keer met dezelfde naam langs mijn raam loopt en zegt: kijk, hier is hij weer. Niet mijn Johan, niet echt, maar tóch dichtbij genoeg om iets open te trekken. En tussen die twee momenten in zit mijn eigen leven. Met 1973 en 2020. Met alles wat ik niet kwijt kan in één zin, maar wat wel direct mee aan tafel schuift zodra ik zijn naam hoor.

21 januari 2020

Op 21 januari 2020 kreeg Johan een ongeluk. Hij raakte in coma. En op 27 februari 2020 is hij overleden.
Ik kan het zo opschrijven. Kort. Netjes. Maar in het echt zit daar alles tussen: wachten, hopen, het soort stilte dat hard kan klinken, en een leven dat ineens niet meer vooruit wil maar alleen nog terug kan.

En dan is het vreemd hoe het werkt: je denkt dat je “gewoon” in je dag zit, en dan komen er twee dingen langs. Eerst een reclame met een achteloos bedankje. En nu een film die dezelfde naam boven de deur hangt. Alsof de wereld af en toe per ongeluk precies op die plek klopt waar je liever niet aangeraakt wordt.

Rouw kent geen “maar”

Ik merkte dat ik bij die reclame al iets in mezelf voelde reageren. Eerst boos: kunnen jullie even een andere naam kiezen? En daarna meteen dat laagje eroverheen: stel je niet aan, het is maar reclame.

Maar dat “maar” bestaat niet in rouw.

Wat me raakt, is niet alleen dat ik hem mis. Het is ook hoe onverwacht rouw zich gedraagt. Je kunt best oké zijn, en tóch ineens terugschieten naar januari 2020 alsof je er weer staat. Alsof je lichaam eerder weet waar het pijn doet dan je hoofd kan bijhouden.

Wat ik aan tafel als mediator zie

In mediation zie ik dagelijks hoe woorden kunnen werken als kleine schakelaars. Eén zin kan de sfeer doen kantelen. Eén naam kan een hele kamer vullen. Meestal gaat het dan over partners die elkaar niet meer kunnen bereiken. Over appjes die te kort zijn, blikken die te lang duren, zinnen die net verkeerd vallen. Vandaag ging het over mij. Over hoe een naam in de buitenwereld zomaar mijn binnenwereld openzet.

En misschien is dát wel de brug tussen werk en leven: ik vraag mensen vaak om zorgvuldig te zijn met woorden, omdat woorden niet “maar” woorden zijn. Ze raken. Ze sturen. Ze zetten iets in beweging.

Het land dat blijft

En toch is er ook iets anders. Iets wat ik steeds vaker herken als ik eerlijk ben: Johan is niet alleen de datum waarop ik hem verloor. Hij is ook het land waar ik nog steeds naartoe kan. In gedachten. In herinneringen. In alles wat ik niet hardop zeg, maar wél met me meedraag.

Het land van Johan is geen plek op Google Maps.
Het is een plek waar tijd niet netjes in volgorde loopt. Waar 1973 naast 2020 kan liggen. Waar een filmtitel en een reclamespotje ineens een grensovergang zijn.

Vandaag deed ik iets simpels. Ik bleef even zitten. Niet wegdrukken, niet analyseren, niet “sterk” doen. Gewoon erkennen: dit raakt me. En in plaats van te blijven hangen in die reclame of die titel, dacht ik aan Johan zelf. Aan hem als mens, los van het ongeluk, los van het coma, los van februari.

Wat ik wél wil vasthouden

Ik kan de wereld niet vragen om stiller te worden. Namen blijven langskomen. Op tv, in films, op straat.
Maar ik kan wél kiezen wat ik doe op het moment dat het me raakt.

Dan wil ik niet vechten tegen dat moment.
Ik wil het herkennen. Even ademhalen. En vooral: Johan niet kwijt raken in alleen maar data.

Johan hoort bij mij.

Net zoals gastarbeiders zich in de film afvragen wat is Nederland zonder Cruijff.

Miranda Boerkamp
Miranda Boerkamp

  • Volg ons via RSS:

Plaats een reactie:

Gerelateerde artikelen